Alexander
Het verhaal van Alexander (14 jaar) leest als een sprookje. Ondersteunende ouders en een school die betrokken is: de meeste transgenderjongeren kunnen hier alleen maar van dromen! We ontmoeten Alexander en zijn familie in zijn gezellige, zonnige woonkamer.
Grote broer
Alexander is de grote broer van zusje An-Sofie en kleine broer Brando. "Ik vind het geweldig grote broer te zijn!" vertelt hij ons trots. Veel leuker dan grote zus, want dat paste helemaal niet. Twee jaar geleden barstte de bom. "Op een dag vond ik Alexander wenend op het toilet", zo vertelt zijn moeder ons. "'Mama', ik wil dit lichaam niet, dat is niet van mij!' zei hij me. Hij zat helemaal in de put. Toen wist ik dat dit allemaal veel verder ging dan gewoon een kwajongen zijn." Het jongensachtige van Alexander kreeg een naam: Alexander is een jongen, maar dan eentje in een meisjeslichaam.
Met vereende krachten begon de grote zoektocht op het Internet. Naast alle rommel vonden Alexander en zijn moeder gelukkig ook nuttige informatie. Alexander is immers niet alleen met deze problematiek. Er bleek zelfs een heus kinderteam te bestaan bij het genderteam in Gent. Daar gaan Alexander en zijn ouders nu regelmatig heen voor gesprekken en uitleg over de behandeling. Omdat hij nog maar 14 jaar is kan hij nog niet beginnen met de mannelijke hormonen. Voor de puberteitsremmers was het dan weer net te laat. Alexander moet dus nog even voort met zijn ontluikende meisjeslichaam, maar verdraagt de 'maandelijkse rotzooi' als een echte man.
Gelukkig zijn er heel wat hulpmiddeltjes. Via het Internet vonden ze in Amsterdam de modeontwerpster Danaë. Omdat zij zelf ook een broer heeft die vroeger een meisje was, maakte ze speciaal voor transjongens een topje (hesje genoemd) waarmee de borsten goed worden afgebonden. Alexander kan zo zijn vrouwelijke vormen wat verstoppen. Samen met mama werden kapsels besproken en door samen uit te pluizen welk kapsel hem het meest mannelijk doet lijken, kwamen moeder en zoon tot een zeer bevredigend resultaat. "En ik doe oefeningen!" zegt Alexander trots. "Ik gebruik halters om stevige armspieren te krijgen". Ook zijn naam werd gekozen: Alex, als overgangsfase, en nu Alexander. "Ik ben één van de weinige kinderen die zijn naam zelf heeft mogen kiezen! Wat een luxe, hé".
De coming out op school
Op school heeft Alexander het nog maar net aan heel de klas verteld. "Ik zit in het derde jaar van een gemengde school, in een klas met 17 leerlingen, allemaal meisjes en slechts één andere jongen. Vorig jaar had één van mijn beste vriendinnen al gevraagd: 'moeten we nu eigenlijk jongen of meisje zeggen'? Toen had ik al gezegd: 'jongen'. Dus sommigen wisten het al en sommigen niet".
Ook de leerkrachten wisten het al van het vorige schooljaar. De ouders van Alexander gingen in het begin van het tweede jaar praten met de directrice, en sindsdien weet het lerarenkorps het. "Hij wilde de naam Alex kunnen schrijven op zijn toets, dus moesten we nagaan of dat mocht, maar dat was geen probleem". Alexander is blij: "nu staat er overal Alex op, zelfs op mijn rapporten".
De tijd was rijp om de klas in te lichten. "Ik had in het begin van het schooljaar aan onze klastitularis gezegd dat ik het na de herfstvakantie wilde vertellen aan de klas. Dat had zij goed onthouden want tijdens de examens na de vakantie fluisterde zij me toe dat het na de toets aan mij was. Ik mocht het dan vertellen en iedereen was mij dankbaar want anders hadden we gewoon les gehad, haha. Ik heb gewoon gezegd dat iedereen het misschien wel al door had dat ik in een verkeerd lichaam zit en eigenlijk een jongen ben, Alexander. Iedereen zat zo te knikken van 'ja ja' en toen zei iemand 'we aanvaarden dat en we hadden het eigenlijk al zien aankomen'. En dan heeft mijn juffrouw nog een paar vragen gesteld, niet teveel gelukkig. De juf wilde weten hoe ver ik hierin zou gaan en of ik zou willen geopereerd worden. Ik zei 'ja' en toen zei ze tegen de klas: 'wij accepteren dat hè mannekes?!' en iedereen maar knikken!". En daarna? "Nu zegt iedereen 'hij', precies alsof iedereen op voorhand al geoefend had en zat te wachten totdat ik zei dat het inderdaad 'hij' is".
In de klas zelf is er dus geen enkel probleem, maar hoe gaat het daarbuiten? "Er zijn een paar oudere leerlingen die ik absoluut niet ken en die wel eens iets roepen op de speelplaats, maar ik let daar niet op. En voor de rest wordt er niet geroddeld. De klas is een soort buffer die mij verdedigt. Nu ze weten hoe de vork in de steel zit hebben ze het gevoel van 'aan die van ons raak je niet'".
Ook de andere leerkrachten gaan er goed mee om. "Onze lerares geschiedenis vertelt altijd verhaaltjes om dingen duidelijk uit te leggen. En dan maakt zij van mij de prins of de boer… Heel leuk! Ik kan gewoon zijn wie ik ben, zonder dat elke dag een strijd hoeft te zijn op school. Dat is ook de reden waarom ik aan dit project meedoe: als ik zelf nog op zoek was naar informatie over transgender zou ik het heel leuk vinden om zoiets te lezen".
Alexander heeft dus een goede school getroffen die erg betrokken is. "In het begin van het jaar heeft de school zelfs met mij contact genomen om te vragen of ik bij de turnles bij de jongens of bij de meisjes wilde. Daar hadden ze zelf al aan gedacht. Ik mocht dus kiezen wat ik wilde. De turnleraar zou dan rekening houden met mij, bijvoorbeeld als ik bij de jongens zat dat ik niet dezelfde kracht heb". Maar Alexander koos ervoor om dit jaar bij de meisjes te blijven turnen. "Bij LO denk ik dan: ik ben de enige jongen die het geluk heeft in dezelfde kleedkamer als de meisjes te mogen!", zo lacht hij. Maar dan wordt hij serieus en wordt het duidelijk dat hij erover heeft nagedacht: "Misschien wil ik volgend jaar wel bij de jongens maar het probleem is dat ik de helft van die groep niet ken en ik weet niet of die het weten van mij". Omdat er zo weinig jongens op school zijn, worden alle jongens van het derde jaar voor de turnles samen gezet in één groep. "Ik ben ook bang dat ik bij de jongens geconfronteerd word met dingen die zij kunnen en ik niet. Ik denk bijvoorbeeld aan de kleedkamers en hoe dat moet, altijd een onderhemdje dragen over mijn hesje, of ik weet niet wat…. En misschien vinden zij het ook niet oké dat ik bij hun kom. Ik kan misschien gaan turnen bij de jongens wanneer ik hormonen begin te pakken. Die jongens hebben ondertussen allemaal de baard in de keel en dan sta ik daar als enige met een hoge stem". Met zijn grote voeten (maatje 41) en zijn lengte (1,71 m) valt Alexander in elk geval niet op.
Ik leef gewoon als een jongen
Na de eerste woelige periode waarin alles een naam kreeg en veel informatie werd opgezocht, is het nu wat rustiger. "Ik ben er niet veel meer mee bezig, nu ben ik gewoon een jongen, voilà. Ik heb nog altijd dezelfde twee goede vriendinnen, en gedraag mij zoals een jongen doet". Af en toe komt de realiteit van het lichaam en de officiële identiteitskaart wel naar boven. "Ik moet nu een nieuwe bibliotheekkaart hebben en dan moet ik mijn paspoort tonen, maar ik ga toch vragen of er Alex op mag. Dat zou wel leuk zijn". Tot groot jolijt van zijn moeder begint Alexander spontaan over zulke ideeën te praten in een overvolle trein. "Ach, ze zien het toch niet aan mij. Ik ga ook zonder problemen naar het mannentoilet. Ze zouden raar opkijken als ik bij de meisjes ga." Alexander kon vroeger al staande plassen. Bij zijn moeder ging toen een belletje rinkelen. Zo vallen oude puzzelstukjes op hun plaats.
Het lijkt allemaal super te gaan met Alexander, maar er is ook een keerzijde van de medaille. Sommige hobby's zijn bijvoorbeeld niet meer vanzelfsprekend. "Ik was bij de scouts maar ik kan niet en wil niet meer bij de meisjes. En de jongens spelen veel spelletjes zonder hemd aan of zo, die zijn veel te lichamelijk opdat ik daar zou kunnen bij zijn. Dus ben ik maar uit de scouts weggegaan. De doop vond ik wel heel tof maar die spelletjes waren niet mijn ding". Ook bij het zwemmen is het niet simpel. "In de zomer verbrand ik rap: onder dat mom kan je dan een T-shirt aandoen, met daaronder het hesje zodat niemand iets ziet. Zo heb ik vorig jaar op de camping heel de tijd als jongen rondgelopen, niemand die iets wist. Maar in een binnenzwembad mag dat niet en daarom ga ik hier nooit zwemmen". Gelukkig leest en schrijft Alexander graag, en hij heeft zelfs al zijn eigen boek geschreven.
Alexander heeft ten slotte nog een boodschap voor jongeren die zichzelf hierin herkennen: "Houd het niet voor jezelf en durf het te zeggen aan je ouders. Je ziet wel hoe ze reageren. Als ze niet goed reageren kan je terecht bij jongerenhulp die met je ouders kunnen praten. Er is altijd een manier of een plaats waar mensen je geloven en zien dat je het echt meent, zonder dat ze het wegwuiven of weglachen. Ga het niet opkroppen en maak jezelf niets wijs. Wees gewoon je echte zelf!"



